Waarom ik niet meer over complottheorieën schrijf

Complottheorieën kunnen zo vergezocht zijn dat je het haast niet voor mogelijk houdt dat iemand ze serieus neemt. Maar zelfs theorieën die geen kwaad lijken te kunnen, dragen bij aan geloof in onjuiste of zelfs gevaarlijke ideeën.

Sommige complottheorieën lijken op zichzelf niet schadelijk; iemand die denkt dat de aarde plat is, is niet gelijk een gevaar voor zijn omgeving. Maar het gebeurt maar zelden dat mensen slechts in één complottheorie geloven. De meeste complottheorieën hebben namelijk te maken met wantrouwen in overheden en organisaties – en als de overheid de vorm van de aarde verhult, wat hebben ze dan nog meer te verbergen? Voor je het weet kom je uit bij zorgwekkendere of ronduit gevaarlijke overtuigingen. De overtuiging dat vaccinaties autisme veroorzaken zorgt bijvoorbeeld voor sterfgevallen die makkelijk te voorkomen waren, en het idee dat witte mensen op het punt staan vervangen te worden heeft sommige rechtsextremisten aangezet tot het plegen van terroristische aanslagen.

Daar komt bij dat het makkelijker dan ooit is om argumenten voor complottheorieën te vinden. Het internet op zich draagt hier al aan bij, maar om het specifieker te maken: de op één na meest bezochte website van de wereld, YouTube, is erop ingericht om je onderwerpen voor te schotelen die aansluiten bij wat je eerder hebt gezien. Wie heeft er nou nog nooit een video gekeken en vervolgens dagenlang YouTube-suggesties gekregen die daarmee te maken hebben, ongeacht of je er meer van wilde zien?

Dit is de aarde. Merk op hoe uitzonderlijk niet-plat hij is.

Bij complottheorieën gaat dat ook zo: heb je eenmaal een flat earth-filmpje gezien, dan krijg je direct iets soortgelijks aangeraden: meer flat earth-argumenten, of misschien wat klimaatontkenning. Dat draagt veel bij aan het geloof in die complottheorieën: flat earthers die voor een recent onderzoek werden ondervraagd, vertelden dat ze er na de eerste YouTube-video niks van geloofden, maar toen ze later meer keken raakten ze toch overtuigd.1Landrum, A. R., Olshansky, A., & Richards, O. (2019). Differential susceptibility to misleading Flat Earth arguments on YouTube. Media Psychology, 1-30.

Het gemak waarmee mensen complottheorieën tegen kunnen komen is dus een probleem. Door argumenten voor complottheorieën te zien of te horen, is het waarschijnlijker dat je erin gaat geloven; mensen die een film over de complottheorie achter de dood van JFK zagen, waren na die film veel sterker overtuigd van die theorie dan ervoor.2Butler, L. D., Koopman, C., & Zimbardo, P. G. (1995). The psychological impact of viewing the film” JFK”: Emotions, beliefs, and political behavioral intentions. Political psychology, 237-257. Dat klinkt misschien vanzelfsprekend; je gelooft niet snel ergens in waar je niet eerder van hebt gehoord. Maar concreet betekent dat dat ophouden met complottheorieën verspreiden de beste manier is om geloof in die theorieën te voorkomen.

Maar daar hoeven wij, verstandige universiteitsstudenten, ons toch geen zorgen om te maken? Dat is misschien prettig om te denken, maar wat blijkt: mensen zijn sneller geneigd ideeën te geloven waarvan we willen dat ze waar zijn, en die aansluiten bij onze (politieke) overtuigingen. We blijven vasthouden aan onjuiste informatie en proberen die voor onszelf te rationaliseren.3Kahan, D. M. (2017). Misconceptions, misinformation, and the logic of identity-protective cognition (Cultural Cognition Project Working Paper Series No. 164; Yale Law School, Public Law Research Paper No. 605; Yale Law & Economics Research Paper No. 575). Dus zijn we écht beter bestand tegen complottheorieën dan anderen, of denken we dat alleen omdat we dat graag willen geloven?

Zelfs als je denkt goed door te hebben welke invloed een complottheorie op je overtuigingen heeft, zou je er best wel eens naast kunnen zitten: mensen die toegeven beïnvloed te zijn door een complottheorie, onderschatten hoe sterk die invloed hun gedachten heeft veranderd.4 Douglas, K. M., & Sutton, R. M. (2008). The hidden impact of conspiracy theories: Perceived and actual influence of theories surrounding the death of Princess Diana. The Journal of social psychology148(2), 210-222.

Mijn trouwe lezers – waarvan ik overtuigd ben dat ik ze heb, omdat ik dat graag wil geloven – denken nu misschien: ‘Sander, heb jij niet het afgelopen jaar een aantal artikelen geschreven die obscure complottheorieën onder de aandacht brengen?’ Nou, ja, dat klopt. En dat had ik beter niet kunnen doen, besef ik nu. Om het punt uit de vorige paar alinea’s nog maar eens te illustreren: ik dacht dat toch niemand ze zou gaan geloven, zonder dat ik enige reden had om dat te denken. Voor zover ik weet is dat ook niet gebeurd, maar zo breng ik wel die theorieën onder de aandacht van alle lezers van Cultuurlijk.

Nou is dat natuurlijk een relatief kleine impact, maar zeker omdat het ontkrachten of belachelijk maken van een theorie er niet voor zorgt dat mensen ophouden erin te geloven, voelt het niet alsof die artikelen nog iets positiefs bijdragen. Dit is dan ook het laatste artikel in de complotcolumn. De eerdere artikelen haal ik niet offline, maar ik zet er wel een link naar dit stuk boven. Dan blijft er wel nog één heet hangijzer over: het Prometheusgilde dat dit jaar is opgericht om complottheorieën te bespreken. Mijn mening is volgens mij wel duidelijk; ik ben benieuwd wat jij ervan vindt!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.