De Museumqueeste: Nationaal Ambulance- en Eerste Hulp Museum

Sinds een tijdje ben ik op een queeste om alle openbare musea van Leiden te bezoeken. Musea zijn namelijk heel erg leuk: de verhalen die ze vertellen, de voorwerpen die ze laten zien, de vragen die ze oproepen, en hun rust en bedrijvigheid. Veel Leidse musea —Museum Volkenkunde, Naturalis, de Lakenhal, het Sieboldhuis, het Rijksmuseum van Oudheden, Corpus, en zelfs het Academisch Museum— kunnen mij al tot hun bezoekers rekenen, maar Leiden heeft een veelvoud aan kleinere musea die ook een bezoek verdienen. Daarom toog ik op een zonnige middag naar mijn eerste bestemming in deze serie: het Nationaal Ambulance- en Eerste Hulp Museum (NA+EHM).

Het NA+EHM is gelegen aan de Vondellaan naast de schaatshal/EL CID-slaapzaal, in het gebouw van de Ambulancepost Hollands Midden. Het museum is slechts open op specifieke dagen, maar groepen kunnen in overleg een rondleiding krijgen op andere data. Belangrijk ook: het museum is volledig toegankelijk voor mindervaliden. Helaas kun je geen gebruikmaken van je museumjaarkaart.

Bij aankomst word ik begroet door twee vrijwilligers. Ik blijk die middag de enige bezoeker te zijn en krijg alle aandacht; ik moet maar roepen ‘als [ik] meer wil weten dan de bordjes’. Mijn bezoek begint op de bovenverdieping annex vergaderruimte. In drie nissen en vijf vitrines worden verschillende parafernalia van de eerste hulp thematisch tentoongesteld. Aan het plafond bij de trap hangt een mannequin in een brancard, en een brancardwagen. Op goed geluk begin ik bij een nis die gewijd blijkt te zijn aan beademingsapparatuur. Een poging om de Alexander-methode te doorgronden, en een minder interessante nis met defibrillators later sta ik voor een vitrine met verschillende verbanddozen die door de geschiedenis heen gebruikt zijn. Ik heb een voorliefde voor oude kastjes en doosjes, dus hier kan ik mijn hart ophalen. Een vitrine met verschillende epauletten en badges voor ambulancepersoneel laat mooi de veranderende sociale en maatschappelijke status van de eerste hulp zien. Voor mensen met een voorliefde voor medische apparaten die ook dienst doen als scrabblewoorden, is er ook nog een collectie tracheoscopen en laryngoscopen die een mooi overzicht van de medische vooruitgang geven.

Een kijkje in het NA+EHM. © ambulanceblog.nl

De begane grond ruikt naar de aangename geur van automusea overal ter wereld: rubber en een beetje stof. Motorheads kunnen hier hun hart ophalen bij de verschillende ambulances die er tentoongesteld zijn. De oudste ‘ambulance’ in de tentoonstelling is een radarbrancard: een kar met twee grote wielen waardoor gewonden ook door moeilijk terrein vervoerd konden worden. De jongste ambulances staan niet in het museum zelf, maar door de glazen wand achterin het museum kun je de moderne ambulances van de ambulancepost zien. De meeste ambulances in het museum stammen uit de jaren ‘50 en ‘60 van de vorige eeuw. De voertuigen komen uit gemeentelijke, particuliere en bedrijfsdiensten door het hele land. Een interessante ‘vreemde eend in de bijt’ is de kleine ‘tentoonstelling’ over de ontwikkeling van de couveuse. Dit is een van de weinige onderdelen van het museum met een duidelijke chronologische insteek.

Dit brengt mij ook bij mijn enige probleem met het museum: de indeling. Het museum wordt grotendeels door vrijwilligers gerund en mist enige conservatoriële zorg. Bordjes worden herhaald en er zit geen duidelijke lijn in de tentoonstelling. Mijn advies zou zijn om een historische inleiding te schrijven (in jargon: een A-tekst) en de thematische vitrines te concentreren op de bovenverdieping en ook chronologisch inrichten. De geschiedenis van de ambulance en eerste hulp is namelijk fascinerend en mag best wat meer aandacht krijgen buiten de voorwerpen zelf.

Het gebrek aan een rode draad wordt ruimschoots goedgemaakt door het enthousiasme van de vrijwilligers. De collectie is gevarieerd en interessant, maar zij zijn de echte helden van het museum. Mijn gastheren — beiden ambulancebroeders met veel kennis van zaken — hebben nog ongeveer een uur al mijn vragen hebben beantwoord en met me gepraat over het werk van een ambulancebroeder en alle daarbij behorende gevaren.[1] Dus, heb je een medische achtergrond, houd je van oude auto’s of wil je gewoon meer weten over de geschiedenis van de eerste hulp en heb je een paar uur over, ga dan naar het NA+EHM.


[1] De eerste regel van ambulancepersoneel is om op hun eigen veiligheid te letten. Je hebt er immers niks aan als de persoon die jou moet helpen zelf gewond raakt. Desalniettemin komt ambulancepersoneel soms in gevaarlijke situaties terecht. Het is natuurlijk belachelijk dat er nog zo veel (of enig!) geweld is tegen ambulancepersoneel maar helaas is dit nog steeds een realiteit.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.